Ruim dertig jaar was hij als rector het gezicht van ’t Rijks en legde hij het fundament van een goed geregelde school waar leerlingen graag vertoeven. Ronduit ‘legendarisch’ was zijn geheugen en de wijze waar op hij de leerlingen bij naam aansprak. Elk kind voelde zich door hem gekend en gezien, ondanks de omvang van de school. ‘Mijnheer Petermeijer’ was een man van statuur, iemand voor wie je respect en ontzag had.
Als rector legde hij de basis voor een goede balans tussen inspanning en ontspanning. De school was er om te leren en iets te bereiken. Tegelijkertijd was er ruimte voor ontspanning en plezier. Denk daarbij aan de schoolfeesten en de grote avonden.